Mijn eerste luchtalarm

In een parkeergarage, schuilen voor een raket

In een parkeergarage, schuilen voor een raket

Het is dan toch gebeurd, ik heb mijn eerste luchtalarm meegemaakt. Ofwel red alert. Datzelfde geldt voor Arjen en voor de jongens. Het bleek uiteindelijk om een vals alarm te gaan. Ik vond het niet leuk. En dat is echt the understatement of the year.

Vanochtend vroeg las ik dat bronnen van Palestijnse zijde voorspellen dat er binnen enkele uren een staakt het vuren zou zijn. Onderweg naar de bushalte had ik het daar met de jongens over. Thomas had namelijk iets opgevangen en wilde weten wat er vanmorgen op het nieuws was. Dit leek me wel iets om met ze te delen en we praatten met elkaar over hoe je, ook als je ruzie hebt met elkaar, kunt afspreken een time out te nemen om na te denken en dat het daarna gemakkelijker is om het goed te maken met elkaar.

Nadat de schoolbus was vertrokken, ging ik met vriendin D koffie drinken bij Yenkele, het koffietentje direct bij de halte van de schoolbus. D en ik zijn beiden voorzitter van een groot event op school en ze zit in de policy committee waarvan ik als bestuurslid voorzitter ben. We were talking shop, zoals men dat hier noemt. Gezellig en nuttig. Tot het alarm afging. Een alarm dat ik eerlijk gezegd helemaal niet meer verwacht had. Er zou toch bijna een staakt het vuren zijn? Mijn hart schoot in mijn keel en mijn maag draaide zich om. Ik kon alleen aan de jongens denken, waar zij waren en of daar ook luchtalarm was. Of de bus al in Even Yehuda was (het was kwart over acht zag ik later, dus school was gelukkig al begonnen) of dat ze misschien nog op de snelweg waren. Ik had geen notie van tijd en ik had echt geen idee waar ik naartoe moest. Om ons heen zag ik ook alleen maar “kippen zonder kop”. Niemand leek te weten waar we konden schuilen. Vriendin D had ook geen idee.

Aanvankelijk wilden we Yenkele in rennen, het tentje waar we koffie zaten te drinken. Daar werden we echter direct weer naar buiten gestuurd, ze hadden geen veilige plek. Dan maar naar het naast gelegen autoverhuur bedrijf. Waar we ook werden weggestuurd. Het was enorm chaotisch. Totdat de manager van Yenkele het voortouw nam en ons de hoek om dirigeerde, de straat in waar zich ook de residentie van de Nederlandse ambassadeur bevindt. We renden achter elkaar aan een ondergrondse parkeergarage in die me werkelijk nog nooit eerder was opgevallen. Een privé garage, de poort was gesloten. Precies op het moment dat ik bedacht dat dit verre van veilig was, gingen de hekken open: de manager van Yenkele bleek de afstandsbediening bij zich te hebben.

Zo stonden we even later met een stuk of tien mensen te schuilen in een ondergrondse parkeergarage. Terwijl de hekken langzaam dicht gingen, kwam vriendin L – één van mijn dierbaarste vriendinnen hier – naar binnen rennen. Ze was op het moment dat het alarm afging aan het hardlopen en was op zoek naar een schuilplek. We vielen elkaar om de hals, zo fijn om ons eerste luchtalarm met elkaar mee te maken. En niet alleen thuis te zijn. Of, zoals Arjen, met de fiets ergens tussen Herzlyia en Ramat Gan (waar de ambassade gehuisvest is) onder een boom te moeten schuilen.

Na tien minuten konden we de schuilkelder verlaten. Buiten zagen we allemaal mensen naar de lucht turen. Er was niets te zien. We hadden ook geen explosie gehoord. Even later regende het weer sms-jes van allerlei alert-apps: het was een vals alarm. Dat was op zichzelf wel een opluchting, maar het deed niets af aan de gevoelens van mij en mijn vriendinnen. We vonden het eerlijk gezegd echt verschrikkelijk om mee te maken. Het maakt je er weer even enorm van bewust dat we toch echt in een land in oorlog wonen. Ja, we zijn hier super veilig, dat geloof ik nog steeds. We hebben maar liefst 90 seconden respons tijd op het moment dat het alarm afgaat en dat is best lang. Maar toch.

Zojuist kreeg ik bericht van vriendin P die met manlief in de eigen schuilkelder een kopje koffie dronk, dat er ook op school luchtalarm was. Onze kinderen hebben dit dus ook meegemaakt. Het allerliefst zou ik nu in de auto springen en naar school rijden om te zien hoe het met ze gaat. Maar dat kan dus niet. Dat mag niet – beleid  van de school. Ik baal. Ik baal enorm.

Benjamin, vredestichter in spe

Benjamin, vredestichter in spe?

Benjamin, vredestichter in spe?

Mama, als Israël nou ophoudt met raketten sturen naar Palestina (hij bedoelt Gaza) en als ze nou de raketten afpakken van de stoute mannen in Palestina (hij doelt op Hamas), dan is de oorlog toch gewoon voorbij?

Benjamin denkt (veel te) veel na over het huidige conflict tussen Israël en Gaza/Palestina en zou het dolgraag even oplossen.

Bij de diploma-uitreiking voor alle kinderen die van de Pre-school overgingen naar Kindergarten, vertelden Benjamins juffen al dat Benjamin van orde en regelmaat houdt en dat hij rechtvaardigheid super belangrijk vindt. Zij zagen in hem een toekomstig rechter. Natuurlijk herkenden we die karaktereigenschappen van onze Ben. Hij denkt graag na over “hoe het hoort”, heeft een scherp oog voor rechtvaardigheid. Of het nu gaat om dierenmishandeling of armoede, hij ziet het en praat erover met ons. Als het even kan bedenkt hij een oplossing.

We hebben natuurlijk geprobeerd het conflict hier in Israël niet te dichtbij te laten komen voor de kinderen.  Maar dat was en is niet gemakkelijk. We moesten ze immers instrueren over luchtalarm en zo. En er wordt voortdurend over gepraat. In Nederland was het een terugkerend onderwerp  van gesprek tijdens onze vakantie. En nu, terug in Israël, is het dat al helemaal. En niet iedereen is even terughoudend als het gaat om vrijuit spreken waar kinderen bij zijn. Kinderen van vijf en zeven zouden niets moeten weten over oorlog. Nou ja, zo weinig mogelijk in ieder geval. Wij, Arjen en ik, zijn opgegroeid met verhalen over de Eerste en Tweede Wereldoorlog. En op de een of andere manier heb ik altijd geloofd dat wij nooit persoonlijk geconfronteerd zouden worden met oorlog en conflict. Niet zo dichtbij als nu althans, op 100 kilometer afstand. De realiteit blijkt anders. En waar de wereld om me heen voor mij als kind altijd een veilige haven was, is hij dat voor Thomas en Benjamin niet langer. Veiligheid is voor hen niet meer vanzelfsprekend. En daar baal ik van.

Ik heb natuurlijk helemaal niets te klagen. We wonen op een van de meest veilige plekken in Israël. De mensen in het zuiden en in Gaza hebben het pas echt zwaar! En toch baal ik ervan dat de jongens me vragen of Israël en Palestina al vrede hebben gesloten.  Dat ze zich afvragen of er ook morgen nog een staakt het vuren zal zijn. Of niet.

Vrijdag hebben we een briefing op school waarin we worden geïnformeerd over de maatregelen die de school heeft getroffen om de veiligheid van onze kinderen te waarborgen. Ook zijn de school-psychologen aanwezig om ons een en ander uit te leggen over het omgaan met angst en het begeleiden van onze kinderen daarbij. Leerkrachten zijn geïnstrueerd over hoe om te gaan met angstige kinderen. Sommige kinderen zijn de hele zomer hier geweest en hebben een stuk of vijftien keer in de schuilkelder gezeten. En dan zijn er de Palestijnse kinderen – Thomas heeft een Palestijns vriendje. Hun families hebben al onder normale omstandigheden te kampen met vooroordelen en discriminatie. Dat zal er met het huidige conflict niet beter op zijn geworden. Ook zij komen weer naar school straks.

De eerste week op school – volgende week – zal in het teken staat van het drillen van de kinderen. Drillen als in goed reageren op luchtalarm. Rustig blijven en instructies opvolgen. Netjes in de rij naar de schuilkelder. De kinderen leren niet alleen wat ze moeten doen als ze op school zijn als het alarm afgaat, maar ook de monitor van de schoolbus doet een luchtalarm-oefening met de kinderen. Wat ben ik blij dat onze jongens weer in de schoolbus zitten voor de jongsten. Een kleine groep die de kortste route naar school rijdt zonder tussenstops. Zo’n kleine groep is veel gemakkelijker te managen bij een luchtalarm.

Zoals ook in Nederland bekend, spreken vertegenwoordigers van Israël en de diverse Palestijnse bewegingen momenteel met elkaar in Caïro over een duurzaam bestand. We volgen het nieuws op de voet en hopen intens dat het deze keer lukt. Was het maar zo eenvoudig als onze Benjamin voorstelt.