De Expat Uitverkoop

Tapas op tafel, fles wijn open, een paar blikjes gekoelde Heineken, brandende fakkels in de tuin, een warme avond in Israël. Een avond van afscheid. Afscheid van onze buren die naar Washington verhuizen. Praten over de afgelopen twee jaar waarin we naast elkaar woonden, waarin we soms intensief en soms wat minder vaak met elkaar optrokken. Vooruitkijken naar hun nieuwe leven, nieuw huis, nieuwe school. Een knuffel ten afscheid, we zien elkaar nog even in augustus voordat ze definitief vertrekken. Maar toch, dit was de laatste keer in onze gezamenlijke tuin. Verdrietig en ja, vreemd ook.

Vanmorgen een ander afscheid van de vrouw van een collega van Arjen. Ook zij verhuizen, in hun geval naar Athene. Ook met haar een gesprek over het leven in Israël, de school hier en de nieuwe school daar. De verhuizing. Afscheid. Het blijft iets geks en moeilijks aan het leven dat we leiden. Steeds maar weer afscheid nemen, steeds weer die vragen over hoe lang je hier nog woont en wat je hierna gaat doen. En ook: steeds weer nieuwe mensen verwelkomen. Onze kinderen anticiperen er al op. Ze zijn nieuwsgierig naar de nieuwe kinderen die ongetwijfeld in hun jaar gaan instromen. Op een reguliere school in Nederland is dat waarschijnlijk niet iets dat heel vaak gebeurt, nieuwe kinderen op school en in de klas. Voor onze kinderen is het een fact of life waar ze eigenlijk wel blij mee zijn. Want die ene pestkop is verhuisd naar de VS en wie weet, komt er wel een heel leuk nieuw klasgenootje voor in de plaats! En Benjamin en zijn vriendjes H en V zagen vriendje J vertrekken waardoor hun kwartet niet meer compleet was. Sindsdien zijn ze op zoek naar een nieuwe J. En die hebben ze nog niet gevonden dus nu hopen ze op de perfecte aanvulling in de nieuwe aanvoer van eersteklassers.

In deze periode van overplaatsingen zie je naast de afscheidsetentjes, -feestjes, -lunches en -recepties ook een ander fenomeen. De Expat Uitverkoop. En dit is iets waar ik me nog steeds over verbaas. Kijk, wij reizen de wereld rond met ons hele hebben en houden en hebben daarbij een dubbele container tot onze beschikking. Dit geldt echter niet voor alle expats. Amerikanen bijvoorbeeld, verhuizen van gemeubileerd huis naar gemeubileerd huis. Zij hebben slechts een beperkt aantal kubieke meters in een container tot hun beschikking. Voor hen is een verhuizing een puzzel: wat gaat mee en wat blijft achter? Die spullen die achterblijven, die gaan dus in de uitverkoop.

Nu zou je zeggen: logisch toch? En tot op zekere hoogte is het dat ook. Absoluut. Wij hebben ook dingen verkocht toen we van Tanzania naar Israël verhuisden. Maar we hebben vooral veel weggegeven. Omdat er mensen zijn in Tanzania die het verre van gemakkelijk hebben in het leven. Die heel erg blij zijn met de borden waar we er te veel van hebben of waar een stukje uit is. Die dolgelukkig zijn met de kleren van de kinderen die te klein zijn geworden. Die blij zijn met speelgoed, of het nu nog mooi is of afgeleefd.

Ook hier in Israël zijn er heel veel mensen die het niet gemakkelijk hebben. Dat begint met de mensen die huizen schoonmaken. Arbeidsmigranten uit India en de Filipijnen die op een tijdelijk werkvisum in Israël verblijven. Ieder expat gezin dat ik ken, heeft wel zo’n arbeidsmigrant in dienst. Wij ook, onze geweldige Benna. Ik ben blij als ik iets extra’s voor hem kan doen af en toe. Hij heeft een gezin in India dat hij onderhoudt. Niet gemakkelijk. Daarom verbaast het mij zo dat expats bij hun verhuizing de meest bizarre dingen in de verkoop doen in plaats van ze gewoon weg te geven. Een paar voorbeelden.

Vier RVS soeplepels voor 10 shekkel (circa 2 euro)
Zonnejurkjes die overbodig zijn op de volgende post, 100 shekkel per stuk
Drie flessen olijfolie, onaangebroken, voor kostprijs
Kinder DVD’s, 20 shekkel per stuk
Tweedehands kinderkleding, prijs nader te bepalen
4 waterglazen van IKEA, iets goedkoper dan in de winkel
Een stel duidelijk te vaak geknuffelde knuffelbeesten voor 50 shekkel per stuk
Theepot, 100 shekkel
Soepborden, 10 shekkel per stuk
Kop en schotel, 10 shekkel
Koffiemok, 5 shekkel per stuk
Handdoeken, afhankelijk van de afmeting 20 of 40 shekkel per stuk

Ik verzin het niet, ik scrol door de berichten in mijn mailbox en op Facebook op zoek naar real life voorbeelden.

Natuurlijk worden er ook wasmachines, boekenkasten, bedden en matrassen en tv’s verkocht. Heel normaal dat je dat niet zo maar weggeeft. Maar echt, mensen die hun voorraadkast leegverkopen en hun bestek per lepel of vork verkopen (en nee, dat is geen tafelzilver of mooi design RVS), daar houdt mijn begrip op. Omdat er altijd wel iemand is die het écht kan gebruiken, die het nodig heeft. En anders zijn er nog de talloze NGO’s die kleding, schoenen, luiers en speelgoed inzamelen voor vluchtelingen uit Syrië. Er zijn speciale kinderopvangorganisaties voor vluchtelingen uit Afrika die onvoldoende speelgoed hebben. Om maar een voorbeeld te geven. En dan heb ik het nog niet eens over de gezinnen in Gaza die veel, zo niet alles, zijn kwijtgeraakt in de oorlog vorig jaar.

Waarom verkopen die expats dan dat soort spullen? Terwijl ze het geld niet nodig hebben. Ik begrijp het niet. Echt niet. Maakt dat me star? Zit ik vast in mijn eigen waarden en normen? So be it. Ik weiger er echter aan mee te doen. Ik geef echt liever weg.

 

Advertenties