Bijna zomervakantie… tijd voor afscheid, tijdelijk en definitief

Ik probeer me een voorstelling te maken van een normale zomervakantie in Nederland. De kinderen hebben gewoon zes weken vakantie. Van die zes weken ga je er drie met elkaar op pad, kamperen in Frankrijk of Italië of naar Texel. Heerlijk! De overige drie weken zal wel een gepuzzel zijn met logeerpartijtjes bij opa’s en oma’s, misschien een week zeilkamp als de kinderen wat groter zijn en dan is er nog de BSO waar dagopvang is. Heb ik het goed? Tijdens die drie “puzzel-weken” gaat het werkende leven van de ouders gewoon door. Misschien staat het sociaal leven even op een wat lager pitje, omdat je vrienden een andere vakantieplanning hebben. Maar in principe is het business as usual.

Lijkt me heerlijk. Een heel overzichtelijke vakantie. Voor ons is het alweer 4 jaar geleden dat we zo’n overzichtelijke zomervakantie hadden. Ik klaag niet hoor! Ik weet dat het expat leven heel veel voordelen biedt en ik ben daar dankbaar voor. Maar de zomervakantie, daar kijk ik naar uit en zie ik tegelijk tegenop. Begrijp me niet verkeerd, ook ik ben aan het aftellen! Aftellen tot 1 juli wanneer we in het vliegtuig stappen en we eindelijk onze familie en vrienden weer kunnen zien, die we zo missen hier. Maar er komt heel wat bij kijken, bij dat aftellen naar 1 juli. Het gekke aan het expat leven is dat vrijwel al je vrienden voor ruim 2 maanden volledig buiten beeld zijn. De schoolvakantie start op donderdag 12 juni en de vluchten van die avond en die op vrijdag de dertiende (hmmm, what’s in a date?), zitten vol met expats met gezin. Mijn vriendinnen vertrekken vrijwel allemaal op een van die twee dagen. De een gaat naar haar ouders in Michigan, de ander gaat naar de hare in Zwitserland, weer een ander vertrekt naar Washington DC en zo kan ik nog wel even doorgaan. Ze zijn de hele zomervakantie (en die duurt maar liefst 9,5  week…) bij hun familie. Vooral onze Amerikaanse vrienden zien hun familie maar eens per jaar, ze blijven dan zo lang mogelijk in de VS. Ook om de hitte in Israël te ontvluchten overigens. En omdat Herzlyia Pituach gedurende die 9,5 week wordt overgenomen door vakantiegangers uit voornamelijk Frankrijk. Geen expat te bekennen op de stranden of in de speeltuinen. De voertaal verandert van Ivriet en Engels in Frans. Serieus, zou Thomas zeggen.

Naast het tijdelijke vertrek van vrienden, wordt het begin van de zomervakantie gekenmerkt door het definitieve vertrek van vrienden. Het is immers overplaatsingstijd. Arjen en ik zien deze zomer gelukkig maar één bevriend gezin vertrekken, onze buren. Zij vertrekken naar New York met hun drie schatten van  kinderen. Buiten onze buren, zijn we vooral bevriend met mensen die hier tegelijk met ons zijn aangekomen. Als alles goed gaat, vertrekken we over drie jaar ook weer allemaal tegelijk. Dat was geen bewuste keuze, zo is het toevallig gelopen en het komt ons best goed uit eerlijk gezegd. Want afscheid nemen, dat doet pijn. Thomas kwam vrijdag tamelijk down thuis uit school. Een van zijn beste vriendjes op school had zijn laatste schooldag gehad en verhuisde afgelopen weekend. Terug naar zijn thuisland, India. Zijn enige Nederlandse vriendje in de klas, verhuist deze zomer naar Sint Maarten. Heel erg jammer. Ook Benjamin ziet dierbaren vertrekken. Ons buurmeisje Tessa is een van zijn beste vriendinnetjes en zij gaat dus naar New York en zijn beste vriendje op school is al vertrokken, terug naar India.

Omdat het einde van het schooljaar gelijk staat aan tijdelijk en definitief afscheid, lopen onze agenda’s over. Op school zijn er de end of year poolparties, Benjamin heeft een soort graduation ceremony omdat hij afscheid neemt van de Pre School en overgaat naar de Elementary School (hij gaat naar groep 2 in Nederlandse termen). Ook heeft Benjamin een end-of-year show waar we als gezin naartoe gaan. En dan heb ik het nog niet eens over de diners en BBQ’s die Arjen en ik hebben met vrienden die we graag nog even willen zien voordat ze voor 2 maanden naar de VS of Europa vertrekken. Of het ontbijt met mijn voormalige Hebrew class, de BBQ voor het aftredende bestuur van de Diplomatic Spouses Club, de bruch voor vrijwilligers op school…  Niet goed voor de lijn, I can tell you.

Ondertussen proberen we ook nog enige samenhang te krijgen in onze chaotische vakantieplanning. We zijn van 1 juli tot en met 5 augustus in Nederland/Europa en die tijd zullen we doorbrengen in Den Haag, Putten, Eijsden, Garderen, de Franse Alpen en mogelijk nog een paar dagen in Katwijk. Vakantie? Ja. Maar ook veel reizen, inpakken, uitpakken, tent opzetten en afbreken, kilometers maken, boodschappen doen en medische controles “doorstaan”. En ik ga een cursus doen bij Stichting Valk omdat het vliegen me steeds meer gaat tegenstaan. Niet handig met onze levensstijl…

Dus…. Wish me luck 🙂

Advertenties

Only in Israel…

“This is Africa”, ook wel afgekort tot TIA, hoor je vaak in Tanzania (en in andere Afrikaanse landen) als commentaar op bizarre, mooie en frustrerende ervaringen die typisch zijn voor het leven in Afrikaanse landen. In Israël hebben we een equivalent daarvoor: OI, ofwel “Only in Israël”. Dat er zo’n uitspraak bestaat, zegt genoeg. Er is zelfs een Facebook groep met deze titel, vanzelfsprekend ben ik daar lid van. Heel leerzaam, de ervaringen die mensen er met elkaar delen. Kortom, we maken hier soms de meest bizarre situaties mee. Momenten die me steeds vaker een glimlach ontlokken. Want het heeft zo z’n charme. die “Only in Israël” momenten. Hoewel ze soms ook ronduit vervelend zijn.

Laat me jullie vertellen over mijn “habibi”, zoals mijn vriendinnen hem plagend noemen. Geen idee hoe hij heet, hij is de manager van het autoverhuurbedrijf in Herzlyia Pituach. Zijn kantoortje zit naast Yankale, het koffietentje / bakkertje waar ik minstens eens per week een cappuccino drink met een van mijn vriendinnen. Zowel het autoverhuurbedrijf als Yankale liggen bij de busstop van de schoolbus. Iedere ochtend sta ik daar de bus uit te zwaaien, meestal volgt er nog een minuut of tien van geklets met moeders en vaders. Anyway, enig idee wat habibi betekent? Het is Arabisch voor iets als “mijn liefste”. Heb ik dan een habibi anders dan mijn geliefde Arjen en onze mannetjes? Geen zorgen, geen huwelijksstress. Maar mijn habibi hoopt daar al maanden op, op huwelijksstress in huize Kool. Toen ik in september kennis met hem maakte – ik werd aan hem voorgesteld door vriendin P die maanden een auto bij hem huurde – maakte hij direct duidelijk dat hij me geweldig vond. Of ik single was? Mijn duidelijke afwijzing heeft hem zijn hoop niet ontnomen. Zo’n beetje iedere 6 weken informeert hij of mijn man en ik nog bij elkaar zijn. Just in case. Mocht het huwelijk ooit stranden, dan moet ik hem dat zeker even laten weten. Buiten deze momenten waarop ik hem steeds weer moet teleurstellen, komt hij regelmatig een praatje maken, waarbij hij me steevast complimenteert met mijn kleding of mijn zongebruinde huid (“Now you are a real Israëli woman, you are no longer white”, vertelde hij me vorige week). Ik kan me niet voorstellen dat ik zoiets in Nederland zou meemaken.

Een ander typisch OI momentje, maakte ik mee in Nazareth, tijdens ons bezoek aan de Basiliek van de Annunciatie met mijn ouders. Het was een heerlijke ochtend, we hadden de basiliek uitgebreid bekeken en de jongens hadden muntjes gegooid in de putten onder de basiliek. Dat zou geluk brengen. Op de een of andere manier had ik mijn portemonnee daar laten liggen, op een bankje in die catacomben. Niet gemerkt overigens, ik kwam er pas achter toen er een dame op me af gerend kwam, helemaal opgewonden roepend: “”Are you Sesjel? Are you Sesjel Hoels? Het duurde even voor tot me doordrong dat ze het tegen mij had en dat het mijn naam was die ze uitsprak. Toen ik uiteindelijk bevestigend antwoordde, werd een oudere man erbij geroepen die een pasje in zijn hand hield dat hij nauwkeurig bekeek, waarna hij mijn gezicht bestudeerde. Vervolgens werd ik meegetrokken naar een kantoortje waar tot mijn grote verbazing mijn portemonnee lag. Die was door de dame in kwestie gevonden en afgegeven bij de beveiliging van de kerk. Vervolgens was men op zoek gegaan naar mij, een pasje met daarop mijn foto als leidraad. Ik kreeg alles terug. De beveiliger vertelde me dat mensen vaak zo in vervoering raken tijdens het bekijken  van de overigens prachtige kerk, dat ze van alles vergeten in de kerkbanken. Hij vroeg ons waar we vandaan kwamen. Toen hij hoorde dat we Nederlanders waren, sleepte hij ons mee naar een bijzondere bronzen deur in de basiliek. De Nederlandse deur. Geschonken door een Nederlands bedrijf. Vervolgens wilde hij met mijn moeder op de foto voor die deur en zegende haar bij het afscheid. Misschien heeft dat laatste geluk gebracht? :). Only in Israel…

Only in Israël bevoelen mensen uitgebreid broden alvorens er een uit te kiezen en in een zak te laten glijden en mee te nemen naar de kassa. Datzelfde gebeurt met groenten en fruit. Ik sta er maar niet meer bij stil hoeveel mensen aan mijn stokbrood hebben gevoeld tegen de tijd dat ik het koop. Only in Israël worden appels in bakken gegooid (ja, gegooid) in de supermarkt. Ik vind zelden echt gave appels, meestal zitten er aardig wat blutsen in. Only in Israël parkeert men midden op straat om even een cappuccino te halen voor onderweg. Dat het verkeer daardoor 10 minuten tot stilstand komt, ach, wie maakt zich daar druk om? Of jawel, daar maken mensen zich wel druk om. Want het kan zo maar gebeuren dat een vrachtauto die erlangs wil, 10 minuten lang claxonneert, tot de bestuurder van de auto relaxed van zijn cappuccino genietend aan komt lopen, naar de inmiddels woeste chauffeur zwaait, instapt en doorrijdt. Only in Israël kan het voorkomen dat je 5 minuten bij de slager staat te wachten (als enige klant), terwijl de slager grinnikend op zijn iPhone chat met iemand, om pas na het uitwisselen van meerdere berichten naar de toonbank te slenteren en te vragen of hij je kan helpen. Het heeft geen enkele zin dat proces te proberen te versnellen heb ik inmiddels gemerkt. Ik wacht inmiddels gelaten – momentje van onthaasten – tot hij tijd voor me heeft. Only in Israël zijn kinderen in ieder restaurant welkom, van het tentje op de hoek van ons pleintje waar veel gezinnen komen en waar onze kinderen steevast verwend worden met kleine cadeautjes, tot de meer exclusieve restaurants in Tel Aviv. Kinderen die rondrennen, een praatje willen maken met de serveersters of vragen om papier en stiften, het is allemaal helemaal o.k en ik vind het heerlijk. Nou ja, behalve dan wanneer ik me had verheugd op een romantisch diner à deux met mijn enige echte habibi in een goed restaurant in Tel Aviv, waarbij ik blijk uit te kijken op een borstvoedende vrouw die een tafeltje verder zit met haar habibi. Ik ben echt pro-borstvoeding overigens en heb het zelf ook overal gedaan, maar toch niet in een exclusief restaurant.

Laat ik het laten bij deze Only in Israël momenten die me vooral doen glimlachen en die het leven hier een mooi gouden randje geven. De vervelende momenten, vooral bij de bank, in het verkeer en bij het parkeren (heb ik al eens verteld over die grote enge Rus die twee deuken in onze auto sloeg?), die zijn er ook. Voer voor een andere aflevering van mijn weblog.

 

 

Verjaardagen op z’n “expats'”

Israel 217

Een tractor vol vrienden

Ik heb al een jaar of drie geen kinderverjaardagsfeestjes meegemaakt in Nederland en toen we nog in Nederland woonden, waren Thomas en Benjamin nog maar 2 en 4 jaar oud. Het huis-tuin-en-keuken feestje met taart en koekhappen (bij wijze van spreken) was meer dan voldoende om ze een super feest te bezorgen. Ik heb dus geen ervaring met typisch Nederlandse verjaardagsfeestjes voor 5- en 7-jarigen. Maar ergens heb ik het gevoel dat die anders zijn dan de feestjes waaraan wij gewend zijn geraakt sinds we in het buitenland wonen en in het bijzonder sinds we in Israël wonen.

Het eerste kinderfeest waar ik met de kinderen naartoe ging na onze verhuizing naar Tel Aviv, was van een broertje en een zusje die respectievelijk 7 en 4 jaar werden. Mexicaans-Amerikaanse kinderen, Thomas en Benjamin zijn met beiden bevriend. Het was een waanzinnige happening. Geen idee hoeveel mensen er waren maar mijn inschatting is dat het om minstens 60 kinderen ging met voor vrijwel ieder kind een ouder. Laten we zeggen dat er circa 100 mensen waren. Natuurlijk worden zulke grote verjaardagsfeesten niet thuis gevierd, maar buitenshuis. En buitenshuis betekent hier in Herzlyia en omstreken meestal dat er gefeest wordt in een shopping mall. In de shopping malls zijn namelijk speelterreinen. Meestal betreft het zogenaamde “jymboree’s”, vergelijkbaar met Ballorig in Nederland.  Maar er is meer. In Ra’anana, een stad bij ons in de buurt, is er in de mall een heus sprookjesbos gebouwd waar kinderfeestjes kunnen plaatsvinden en in het winkelcentrum dat het dichtst bij ons huis ligt, de Arena, bevindt zich niet alleen een jymboree, maar ook een indoor kermis met botsautootjes, een carrousel, klimrekken en een hele rij speelautomaten.

Dit laatste speelparadijs was de plek waar we ons eerste grote kinderfeest meemaakten. Ik wist niet wat ik zag. Bij aankomst moesten we ons melden bij een balie waar de namen van de genodigden werden afgetekend op een lijst. Cadeautjes werden in winkelwagentjes gelegd. Er was voor iedere jarige een karretje. Die karretjes lagen al aardig vol met grote cadeau’s toen wij aankwamen. Ik voelde me enigszins gegeneerd vanwege onze bescheiden kleine LEGO cadeautjes. Maar ja, we zijn en blijven toch Nederlanders :). De jarigen kon ik nergens ontdekken, die waren lekker aan het spelen ergens in dat enorme speelparadijs. Mijn eigen kinderen raakte ik ook al snel kwijt. De botsauto’s lonkten. Er ging ruim een uur voorbij waarin de jongens zich af en toe bij mij meldden om iets te drinken of om opgewonden hun avonturen in het kinderparadijs te vertellen. Er stond een lange tafel vol met flessen water, sap en soda’s en bakjes met snoepgoed en pretzels waar we vrij gebruik van konden maken.

Ach, het was best gezellig zo. Ik kletste wat met andere moeders, maar had niet echt het gevoel me op een verjaardagsfeest te bevinden. Totdat de gasten door luidsprekers werden verzocht zich te verzamelen bij het podium. Even later klonken er harde beats en flitsten de discolampen, Thomas sprong op het podium en toonde z’n meest coole moves, Benjamin stopte zijn vingers in zijn oren en begon te huilen. Na de nodige disco muziek werd Happy Birthday gedraaid (met stevige beat eronder), waarna er twee enorme taarten werden binnengedragen, kaarsjes werden uitgeblazen en er gezamenlijk taart werd gegeten. Na de taart kwamen er hotdogs en zakjes met muntjes. Muntjes? Hmmm. Vreemd. Maar echt, het waren muntjes. Voor de speelautomaten. Ik gaf ze direct terug. Laat mijn kinderen maar gewoon in die botsauto’s of in de carrousel. Daar hadden ze overigens het rijk alleen de daaropvolgende 30 minuten. Alle andere kinderen verdrongen zich rondom de speelautomaten, totdat ze hun muntjes hadden opgemaakt. Ik wist niet wat ik zag.  Dat er geen cadeautjes werden uitgepakt in het bijzijn van de gasten, daar was ik al aan gewend, zo ging het op de niet-Nederlandse feestjes in Tanzania ook al. Toen we uiteindelijk na 3 uur het feest verlieten met twee enorme “goodiebags”, had ik een vaag gevoel van heimwee. Heimwee naar kneuterige kinderfeestjes in Nederland, met koekhappen, kleine cadeautjes, zelfgebakken taart en pannenkoeken. De jongens waren overigens over-enthousiast en de onderhandelingen over hun eigen verjaardagsfeestjes (die nog 8 maanden op zich zouden laten wachten) begonnen al in de auto op weg naar huis.

Want ook mijn kinderen wilden zo’n groots en cool feest. Thomas wilde alle eersteklassers uitnodigen (circa 40 in totaal) en Benjamin de hele pre-school (ongeveer een zelfde aantal). Minstens. En dan nog alle andere vriendjes en vriendinnetjes die in andere klassen zitten, plus de buurkinderen en de kinderen van mijn vriendinnen die op andere pre-schools zitten. Dit alles graag aangevuld met de opa’s en oma’s, ooms en tantes, neefjes en nichtjes uit Nederland en graag ook alle oude vriendjes en vriendinnetjes uit Tanzania en Nederland. Dat dit laatste niet ging lukken, kon ik ze wel goed uitleggen. Maar toen wij begonnen over zoveel kinderen uitnodigen als je nieuwe leeftijd en over gezellig thuis feestvieren  met koekhappen, een speurtocht in de tuin en pannenkoeken eten, barstte de discussie los. Gelukkig konden we het even laten rusten.

Afgelopen weekend was het zo ver. We vierden de verjaardagen van Thomas (die 7 was geworden een week eerder) en van Benjamin (die over 2 weken 5 wordt). Het werd niet het huis-tuin-en-keuken verjaardagsfeestje waarover ik fantaseerde. We hebben ons aardig aangepast aan onze nieuwe leefomgeving :).  Maar het werd ook geen hysterisch megafeest in een van de malls. In plaats daarvan nodigden we de door Thomas en Benjamin uitgekozen beste vriendjes en vriendinnetjes met hun broertjes en zusjes en ouders uit op een Kibbutz hier in de buurt. Een Kibbutz met kinderboerderij, twee springkussens, pita ovens en met een heuse tractor waarmee de kinderen en hun ouders een rit maakten over het grote terrein van de Kibbutz. Dat was natuurlijk het absolute hoogtepunt van het feest. De kinderen werden rondgereden, kregen uitleg over de Kibbutz en mochten zelf graan snijden op het veld waarna de tractor hen naar de koeienstal bracht. De koeien werden gevoerd met het zelf afgesneden graan, daarna reed de tractor ons naar de berggeiten die ook gevoerd mochten worden. Het afsluitend rapen van eieren in de kippenren, hebben we af moeten blazen omdat de tijd begon te dringen. Er moesten namelijk ook nog pita broodjes worden gebakken en gegeten voordat de kinderen naar huis gingen.

Het was ge-wel-dig. De jongens hadden beiden hun beste vriendjes en vriendinnetjes uitgekozen voor het feest, dat waren er in totaal 30. Meer dan ik normaal gesproken leuk zou vinden, maar ik moet zeggen. het was werkelijk een geweldige ochtend. Mede omdat deze 30 kinderen allemaal leuke ouders hebben, de meesten rekenen we tot onze vrienden en ze bleven vrijwel allemaal het hele feest erbij. Geen traditioneel Nederlands kinderfeestje denk ik, maar wat hebben de jongens en hun vriendjes en vriendinnetjes genoten… En wij hadden, voor het eerst sinds we hier wonen, al onze nieuwe vrienden bij elkaar. Gezellig dus. De taarten had ik zelf gebakken en ook op ons feest stond een tafel met gekoeld sap, water en soda’s, pretzels en groenten en fruit. Ja, we hebben ons goed aangepast…

Een nadeel van dit grote feest was overigens de enorme berg cadeau’s die we uiteindelijk mee naar huis namen. Ook wat dat hebben we ons aardig aangepast aan de mores van de internationale verjaardagsfeestjes in Tel Aviv. De cadeautjes werden thuis uitgepakt terwijl ik een lijst bijhield waarop ik noteerde van wie de jongens wat hadden gekregen. Een deel van de cadeau’s hebben we – heel Nederlands – weggelegd. Het is gewoonweg te veel voor de kinderen. Af en toe zullen we ze iets laten uitkiezen om mee naar de speelkamer te nemen.

Nu hoeven we alleen nog de bedankjes te schrijven en dan hebben we een jaar verjaardagsrust…

 

Never to be forgotten

Enkele dagen tevoren ontving ik twee identieke e-mails. Een van de vrouw van een collega van Arjen, een van de diplomatic spouses club. De mail betrof informatie over (onder andere) Yom Hashoah, oftewel Holocaust Memorial Day. In de mail werd uitgelegd dat op die dag om tien uur ’s ochtends twee minuten lang alle sirenes zouden klinken in heel Israël. Twee minuten waarin de sirenes klinken, terwijl verder het leven even tot stilstand komt. Auto’s stoppen – ook op de snelwegen – mensen stappen uit en gaan naast hun auto staan om de slachtoffers van de holocaust te eren. Mensen die op een terrasje zitten, staan op en zijn stil. Overal in het land staat het leven even stil, twee minuten lang. Twee minuten van eerbetoon.

Wat doe je op zo’n ochtend? Blijf je thuis? Doe je je normale dingen? Of breng je een bezoek aan een van de vele memorial bijeenkomsten die overal in het land gehouden worden? Ik had al gehoord dat die bijeenkomsten erg heftig zijn. De aanwezigen gaan een voor een staan en noemen de namen van hun familieleden die de holocaust niet hebben overleefd. Arjen was uitgenodigd voor de bijeenkomst in Herzlyia, maar kon er niet naartoe omdat hij het te druk had op de ambassade. Of ik wilde gaan? Ik heb het uiteindelijk niet gedaan, ik wilde niet alleen gaan. was bang dat het me te veel zou aangrijpen. Volgend jaar gaan we samen. Wat ik wel heb gedaan? Tja, voor mij was het de eerste werkdag na de vakantie en ik moest de koelkast vullen. In de ochtend reed ik derhalve met een vriendin naar Petah Tiqwa om boodschappen te doen bij een grote supermarkt. Om tien uur stonden we bij de drogisterij producten. Hoe bizar, bij de drogisterij producten de slachtoffers van de holocaust gedenken. Omdat we daar niet alleen stonden, maakten die twee minuten van stilte des te meer indruk op me. Op die zo ontzettend doorsnee plek, zagen we hoe het leven inderdaad volledig tot stilstand kwam. Ik zag een moeder met haar zoon van een jaar of tien. Ze stonden stil, net als wij bij de drogisterij afdeling, ze hielden elkaars hand vast en staarden voor zich uit. De moeder haalde een paar keer diep adem, maar kon haar tranen niet bedwingen. Zoon sloeg zijn arm om haar heen. Pas toen de twee minuten voorbij waren, zocht ze een zakdoekje in haar tas. Ze veegde haar tranen af, pakte een zak watten uit een schap en legde die in haar winkelwagen, waarna ze hun winkelroute vervolgden.

Die twee minuten maakten indruk op me, maar mijn emoties kwamen later, toen ik met Thomas van school naar huis reed. Mijn dag werd namelijk volledig door de war geschud doordat ik werd gebeld door de school-nurse. Thomas had erge oorpijn en moest naar de dokter. Of ik hem kon komen ophalen. Zo reed ik een paar uur nadat de sirenes hadden geklonken met Thomas van Even Yehuda naar huis. In de auto vroeg hij me of ik de sirenes ook had gehoord en of ik wist waarom ze afgingen. Ik bevestigde dit en vroeg wat ze op school hadden gedaan toen de sirenes klonken en wat hen verteld was over de sirenes. Thomas vertelde me dat de sirenes afgingen om iedereen eraan te helpen herinneren dat het tijd was om aan de Joden te denken die dood waren gegaan tijdens de Tweede Wereldoorlog. Want mama, er zijn toen heel veel Joden doodgemaakt door een hele slechte man die Hitler heet. Die Hitler is nog slechter dan 1000 Brundibars bij elkaar. “En mama, weet je wat echt heel erg is? De Joden werden voor de gek gehouden! Ze dachten dat ze lekker mochten douchen en toen kwam er een soort zuurstof in de douche waardoor ze dood gingen!” Toen Thomas me dit alles vertelde, stroomden de tranen in stilte over mijn wangen. Omdat wij hier in Israël wonen, worden onze kinderen al jong geconfronteerd met de holocaust. Maar ook met ander oorlogsgeweld. In september moesten we gasmaskers met ze passen en werd er op school geoefend hoe ze zich moesten gedragen als er stoute mannen de school binnen zouden dringen. En nu dit. Heftig. Tegelijkertijd biedt het ons een kans om met ze te praten over goed en slecht. Over respect hebben voor mensen met andere opvattingen. Over grenzen tussen landen en dat je die soms niet ziet, en soms wel. Dat er zelfs grenzen zijn die je niet mag passeren.

Laat me even terugkomen op Brundibar. Brundibar is de slechterik in de gelijknamige kinderopera die onlangs werd opgevoerd op school. Deze opera is tijdens de holocaust geschreven in Theresienstadt en opgevoerd door Joodse kinderen waarvan het merendeel uiteindelijk werd vermoord in Auschwitz. Een van de overlevenden die tot de originele cast behoorde van Brundibar. Ela Weissberger, was in Tel Aviv voor de opvoeringen van Brundibar. Bij iedere opvoering was ze aanwezig en ze vertelde ons, de toeschouwers maar ook de leerlingen van de Amerikaanse school, haar verhaal. Haar zeer terechte en belangrijke boodschap: this is never to be forgotten. De holocaust moet herdacht worden, jaar op jaar, generatie op generatie. Onze kinderen moeten onderwezen worden erover. Om de doden te gedenken en om te voorkomen dat dit weer gebeurt.

Gisteren, op 4 mei, werden in Nederland alle oorlogsslachtoffers herdacht. 4 mei gaat niet alleen over de Tweede Wereldoorlog, maar er wordt rondom 4 en 5 mei wel nog steeds veel aandacht aan de holocaust besteed. En tot onze vreugde en verbazing, zagen gisteravond na de twee minuten stilte die ook wij in acht namen, een documentaire over Brundibar op Nederland 2. Ook Ela Weissberger kwam in beeld en deed haar verhaal. Opnieuw voelde ik me diep geraakt. Mooi was het om een Nederlands kinderkoor de liedjes uit Brundibar te zien repeteren. Ook in Nederland wordt er hard aan gewerkt ervoor te zorgen dat het niet wordt vergeten, die gruwelijke periode uit de geschiedenis. En dat is goed. Never to be forgotten.

Vandaag is het 5 mei en in Nederland vieren we de vrijheid, terwijl het in Israël vandaag Memorial Day is, de dag waarop soldaten worden herdacht die zijn gesneuveld. Morgen, op 6 mei, vieren we in Israël Independence Day. Vandaag, aan het eind van de dag, verzamelen vele expats zich in Hanassi Park om samen feest te vieren. De BBQ’s gaan aan, er wordt gegeten en gedronken terwijl de kinderen spelen in de speeltuin en voetballen op het veldje. Ik verheug me erop. Een soort internationale bevrijdings-/herdenkingsdag. En wat ben ik dankbaar dat we dit alles mogen meemaken in Israël. Het geeft duidelijk een extra laag aan het herdenken van de Tweede Wereldoorlog en het vieren van onze vrijheid.

Op Holocaust Remebrance Day en op Memorial Day komt in Israel het leven tot stilstand terwijl de sirenes loeien.

Op Holocaust Remembrance Day en op Memorial Day komt in Israël het leven tot stilstand terwijl de sirenes loeien.