Bethlehem, de andere kant van de muur

Ik denk dat er weinig mensen zijn die werkelijk nog nooit van dit plaatsje gehoord hebben. Joods, Christelijk, Islamitisch of niet-gelovend, wie kent het verhaal  van de geboorte van Christus niet? Afgelopen zaterdag brachten wij een bezoek aan deze stad waar ooit, volgens de Bijbel en andere overleveringen, Jezus Christus het levenslicht zag. Hoewel de jongens helemaal in Sinterklaassfeer waren (en zijn), besloten we unaniem dat kerstliedjes toepasselijker waren dan sinterklaasliedjes, onderweg naar Bethlehem. Vorig jaar maakten we een fantastische reis door Tanzania rondom de Kerstdagen en voor die gelegenheid had ik een Sky Radio proof cd gebrand voor in de auto. Nu, die afspeellijst  – in onze nieuwe auto kunnen we de I-phone aansluiten voor de nodige muziek – voldoet ook prima in Israël. Niet dat we van Skyradio houden, maar het is toch een stukje Nederlandse cultuur nietwaar. Anyway, met de bekende kerstkrakers op de achtergrond en een moeder die haar emoties niet de baas wist te blijven, reden we met twee andere gezinnen – onze buren – naar Jeruzalem. Bethlehem ligt namelijk dichtbij Jeruzalem. Zo dichtbij dat het niet meer dan logisch zou zijn dat er in Jeruzalem bewegwijzering zou zijn naar deze beroemde stad. Hoewel we ervoor gewaarschuwd waren, was het toch een vreemde gewaarwording dat borden met de naam Bethlehem volledig ontbraken. We volgden onze buren – zij wonen hier al ruim 4 jaar – die ons behendig door Jeruzalem loodsten. Pas vlak voor het checkpoint ontdekten we zowaar een bordje waar Bethlehem op werd genoemd als mogelijke bestemming.

Waarom er geen borden de weg wijzen naar Bethlehem? Welnu, vermoedelijk om dezelfde reden waarom er een checkpoint is voordat je Bethlehem kunt bereiken. Checkpoint? Zoals in Checkpoint Charlie in Berlijn? Inderdaad. Een checkpoint met hetzelfde doel als het beroemde (of beruchte) checkpoint dat ooit de doorgang tussen Oost en West Berlijn markeerde. Een checkpoint met als doel mensen aan de ene of de andere kant van de muur te houden. Een muur? Ja. Een muur. Een muur die Israël scheidt van Palestina. Of de Palestijnse gebieden, Het is maar net hoe je over de Israëlisch-Palestijnse kwestie denkt. De muur vormt een onderdeel van de Israëlische Westoever barrière die bestaat uit stukken muur, greppels, prikkeldraad, torens en poorten en die langs de Westelijke Jordaanoever loopt.

Bethlehem ligt dus aan de andere kant van de muur. Op Palestijns grondgebied. De stad wordt bijna volledig omsingeld door de acht meter hoge muur. We vermoeden dat er geen bewegwijzering naar Bethlehem te zien is vanwege het conflict tussen Israël en de Palestijnse autoriteit. Aan de andere kant van de muur zijn Israëliërs niet welkom en vice versa zijn Palestijnen niet welkom in Israël. Tenzij ze over een speciale vergunning beschikken die hen ontheffing verleent. Bijvoorbeeld omdat ze familie hebben aan de andere kant van de muur. Of er zakelijke belangen hebben. Een groot bord bij het checkpoint geeft het duidelijk aan: verboden toegang voor Israëliërs. Wij waren wel welkom. Evenals toeristen.

Het passeren van het checkpoint, aan beide zijden bewaakt door zwaar bewapende militairen, vond ik heftig. Mijn tranen zaten al tamelijk “los” vanwege die zoetsappige kerstliedjes. Maar langs een zwaarbewaakt checkpoint een ommuurd gebied inrijden, een gebied dat naar mijn gevoel het symbool van vrede zou moeten zijn – Bethlehem – werd me even te veel. Het contrast tussen de ene kant van de muur en de andere kant hielp ook niet overigens. Israël is relatief welvarend, Palestina alleshalve. We leken wel terug te zijn in Afrika met de vele straatventers die hun waren aan automobilisten proberen te verkopen. Ergens had ik verwacht dat ik Bethlehem spannend zou vinden, dat ik me bedreigd zou kunnen voelen. Niets was minder waar. Wat een gastvrijheid en blijmoedigheid! De kerstsfeer – hoewel het wat vroeg is voor kerstsferen, je zult er weinig van merken in Israël. Het was werkelijk bijzonder.

We brachten een bezoek aan de Geboortekerk. Een kerk die gebouwd is op de plaats waarvan men meent dat Jezus er geboren is. Een gids bracht ons naar de zilveren veertienpuntige ster die de plek waar de kribbe zou hebben gestaan markeert. Dat was bijna een stressvolle ervaring. Het was er namelijk waanzinnig druk, vele, vele pelgrims van overal ter wereld, willen dat kruis kussen of aanraken, bij voorkeur in de weken voor Kerstmis. De pelgrims en andere bezoekers worden daarom op hoog tempo langs de ster geloodst. Even te langs stilstaan om een foto te maken, leidt onvermijdelijk tot een reprimande van de toezichthouders.

Stille Nacht, Heilige Nacht weerklonk op het moment dat ik een blik kon werpen op de ster. Niet uit luidsprekers, maar uit de monden van een groep pelgrims. Hoewel ik er wat moeite mee heb te geloven dat de plek waar Jezus geboren is met zoveel precisie bekend is zoveel jaren na dato, was dat toch wel een bijzonder moment. En hoewel mijn geloof wellicht iets anders in elkaar zit dan dat van sommige pelgrims die zich geëmotioneerd voor de ster op de grond lieten vallen, het is uiteindelijk ook bijzonder om zo’n puur geloof te zien bij andere mensen. Ja, al met al vond ik het bijzonder en raakte het me. Meer dan de Heilig Grafkerk in Jeruzalem dat deed overigens. Maar daar in een andere weblog meer over (ik realiseer me nu pas dat ik nog nooit over Jeruzalem geschreven heb!).

Na ons bezoek aan de Geboortekerk en aan de Milk Grotto (een grot waar Maria Jezus zou hebben gevoed, op hun vlucht naar Egypte), begaven we ons naar Manger Square om daar bij een geweldig restaurant te lunchen. Citroenlimonade met crushed ice en mint, een gerecht met lamsvlees uit de tajine. We waren even helemaal in het Midden Oosten. Israël is maar een paar kilometer verderop, maar de sfeer in Bethlehem is totaal anders (hoewel die heerlijke citroenlimonade met mint ook overal in Israël wordt geschonken). Je moet het hebben gezien om het te begrijpen denk ik. Ik vind het moeilijk er de juiste woorden voor te vinden. Maar waar Israëliërs niet altijd even vriendelijk zijn, wat met name merkbaar is in restaurants en winkels, heb ik op die ene dag in Bethlehem zo veel vriendelijke, uitnodigende mensen gezien en gesproken. De jongens hebben op de Manger Square gevoetbald met een groepje Palestijnse jongens, waarna iedereen op de foto moest. Het was echt bijzonder. Met veel plezier hebben we een kerststalletje uitgezocht, gemaakt van olijfhout (hopelijk niet in China maar in Bethlehem), dat we deze week op de post doen naar Tanzania. Een kerstcadeautje voor onze nanny Nellie. Ik weet dat dat veel voor haar zal betekenen. En daarmee doet het dat ook voor ons.

Bethlehem, aan de andere kant van de muur. En waar de emoties even de overhand kregen bij me toen we door de poort Palestina inreden, verdwenen die gevoelens op de een of andere manier terwijl we door de stad liepen. Maar ja, ik was slechts een bezoeker, een passant. De mensen die aan de andere kant van de muur wonen, zijn “locked in”. Iedere dag. Hun leven lang. En ja, die muur staat er met een reden en heeft effect. Het aantal terroristische aanslagen is aanmerkelijk afgenomen zo niet tot nul gereduceerd sinds die muur er staat. Dat is natuurlijk een enorme vooruitgang. Nou ja, vooruitgang. Dat is wel een enorm understatement. Ik kan me er waarschijnlijk slechts bij benadering iets bij voorstellen hoe het leven hier was ten tijde van de laatste Intifada. De voortdurende dreiging van aanslagen… dat moet verschrikkelijk zijn. Maar toch, die muur ontneemt ook veel doodgewone, vredelievende mensen – niet-terroristen – hun bewegingsvrijheid. De kans op het opbouwen van een florerende onderneming. De kans op, nou ja, op zoveel. Die muur symboliseert naar mijn gevoel alles wat er mis is in deze regio, Triest is het, dat die muur er staat. Triest is het ook dat hij nodig is. Laat ik het daar maar bij laten.

 

Advertenties

Gezondheidszorg

In een nieuw land je leven opstarten, betekent ook kennismaken met de gezondheidszorg in dat land. Tot mijn spijt, vond mijn eerste kennismaking met de Israëlische gezondheidszorg al plaats voordat we goed en wel in ons huis aan Wingate waren getrokken. Natuurlijk had ik een arts nodig op het meest onhandige tijdstip van de dag, zo rond een uur of tien in de avond. En natuurlijk was ik er nog niet aan toegekomen een nieuwe huisarts te zoeken. Je zou toch zeggen dat ik dat wel geregeld zou hebben na 7 weken in Israël te wonen. Dat had ik dus niet. Beginnersfout die je bij een tweede internationale verhuizing eigenlijk niet meer mag maken. Maar ja… things happen.

Wat was er aan de hand? Welnu, na een wat ongelukkig verlopen bezoek aan een vage pedicure die met een agressieve gel het overtollige eelt onder mijn voeten aanpakte, bleek er een venijnig gaatje in mijn voet te zijn ontstaan. Het deed ook wel pijn, die gel. Maar ik wilde niet kleinzielig zijn en liet de gel er pas vanaf halen toen ik zo’n beetje tegen het plafond ging van de pijn. Het leed was toen al geschied, het gaatje zat er en ondanks vele sodabadjes, betadine en steriele gaasjes, wilde het gaatje niet dichtgroeien. Op een zekere avond ontdekte ik dat er vanuit het nu wel erg vies uitziende gaatje, een rode streep omhoog liep vanaf de voet, via de enkel richting been. Hmmm, foute boel. Ik ben geen arts, maar dit zag er niet goed uit. Er moest dus een arts bij aan te pas komen en wel graag zo snel mogelijk.

Dat “zo snel mogelijk” bleek niet eenvoudig. We hadden begrepen dat het Herzlyia Medical Center uitstekende zorg biedt aan expats. Het is een internationale kliniek en met de juiste ziektekostenverzekering, hoef je er zelfs niet contant af te rekenen. Ik belde dus het HMC. Het antwoordbandje begon in het Ivriet, maar na enkele seconden klonk het verlossende: “For English press two”. Ik toetste vol vertrouwen de twee in, om vervolgens nieuwe instructies te krijgen van de mevrouw op het bandje… in het Ivriet. Heel erg handig. Na een stuk of zes pogingen waarbij ik telkens een ander cijfer probeerde en keer op keer geconfronteerd te worden met een acuut verbroken verbinding, gaf ik het op. We hadden hulp nodig. Arjen probeerde ondertussen contact te leggen met bevriende artsen in Nederland (hetgeen niet lukte daar iedereen op dat moment met vakantie was) en ik belde vriendin L. Vriendin L kende ik nog maar net, maar omdat zij de zus is van een van mijn dierbaarste vriendinnen in Nederland, durfde ik haar wel lastig te vallen. L is Nederlands, haar man is Israëlisch – beiden spreken goed Ivriet – en samen gingen zij op zoek naar een arts die mij op dit onchristelijke tijdstip  kon helpen.

Dat bleek niet eenvoudig. Zonder Israëlische ziektekostenverzekering bleken we vrijwel nergens terecht te kunnen, Behalve bij de eerste hulp van een ziekenhuis. Helaas was het dichtstbijzijnde ziekenhuis met eerste hulp niet direct bij ons om de hoek. Het Herzlyia Medical Center is dat wel, maar hoewel zij talrijke diensten aanbieden variërend van oncologie tot cosmetische chirurgie, hoort daar geen 24/7 emergency room bij. Terwijl vriendin L en echtgenoot rondbelden, besloot ik het handboek voor de diplomatiek partner erbij te pakken. Daar wist ik het mobiele nummer te vinden van een door de Diplomatic Spouses Club aanbevolen Zuid Afrikaanse arts, die onder andere praktijk houdt in dat Herzlyia Medical Center. Na een korte kennismaking, waarbij het feit dat mijn man Head of Economic Section at The Netherlands Embassy doorslaggevend bleek voor zijn hulpvaardigheid, gaf de arts me instructies voor de nacht (koelen, been hoog houden, paracetamol) en verzocht me om de volgende ochtend direct naar een apotheek te gaan en hem van daaruit te bellen. Hij zou dan aan de apotheker uitleggen welke antibiotica kuur ik nodig had. Zelf zou hij pas na het middaguur op de kliniek zijn en dan zou hij ook nog een blik werpen op mijn voet. Uiteindelijk kwamen we tot de conclusie dat dit de beste aanpak was, een andere werkbare oplossing was er in feite niet, behalve een rit van minstens een half uur per taxi naar een ziekenhuis waar ik dan naar verwachting meerdere uren op mijn beurt zou moeten wachten.

Het kwam helemaal goed met die voet, al kon ik de opdracht om mijn been rust te geven niet realiseren aangezien onze container een paar dagen later aankwam.

Het niveau van de gezondheidszorg is hoog in Israël, de kosten zijn navenant. Met de juiste ziektekostenverzekering, heb je daar geen last van. Onze ziektekostenverzekering valt – zo bleek – niet onder de term “juist”, met als gevolg dat we alles cash moeten voldoen. En dat bij prijzen die “enigszins” hoger zijn dan de prijzen in Nederland. Onze nieuwe huisarts kan alleen contant geld aannemen. Pinnen voor je doktersafspraak dus. Toen er laatst iets van me op kweek werd gezet, moest ik de assistente van de arts cash betalen, waarna zij het geld in een envelop stopte die met het kweekje naar het laboratorium ging. Om het lab te betalen. Cash. Dit laatste verbaasde me werkelijk enorm. Als je bedenkt hoe ver Israël gevorderd is qua technologie, is het niet te bevatten dat betalingen in een ziekenhuis cash moeten worden voldaan en dat zelfs een lab afzonderlijk en cash moet worden betaald voor een controle.

Momenteel worden er bij mij wat vage klachten onderzocht, hopelijk is het niets anders dan een verlate stress reactie op de verhuizing. Toen ik vandaag 800 USD moest betalen voor een simpele bloedtest, was ik er wel even klaar mee. Arjen suggereerde dat het hoe dan ook goedkoper was geweest om op en neer naar Nederland te vliegen voor de bloedtest en de echo die ik eerder deze week moest laten maken en die me 500 USD kostte. We zijn erg benieuwd wat onze ziektekostenverzekering in Nederland van deze bedragen vindt… En we hopen dat het voorlopig hierbij blijft, het bezoeken van artsen in Israël.

 

Some new pictures

Oma Ellie en opa Chretien op bezoek

Oma Ellie en opa Chretien op bezoek

2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 005 (2)

De Skyline van Tel Aviv vanuit Yaffo.

De Skyline van Tel Aviv vanuit Yaffo.

Lunchen bij een onooglijk Arabisch tentje in Yaffo met mijn ouders. Erg gezellig en lekker!

Lunchen bij een onooglijk Arabisch tentje in Yaffo met mijn ouders. Erg gezellig en lekker!

Thomas met zijn nieuwe vriendjes bij de demonstratie van de politie en emergency diensten op AIS.

Thomas met zijn nieuwe vriendjes bij de demonstratie van de politie en emergency diensten op AIS.

Dikke vrienden alweer. Wat zijn kinderen daar goed in!

Dikke vrienden alweer. Wat zijn kinderen daar goed in!

Benjamin laat zijn friday folder aan oma Ellie zien: de map met daarin de werkjes die hij die week gemaakt heeft,

Benjamin laat zijn friday folder aan oma Ellie zien: de map met daarin de werkjes die hij die week gemaakt heeft,

Benjamin tijdens de Shabbath circle op vrijdagmiddag.

Benjamin tijdens de Shabbath circle op vrijdagmiddag.

2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 088

Benjamin tijdens de Shabbath circle op vrijdagmiddag.

2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 094

De kinderen van de AIS Pre-School laten hun werkjes zien aan de ouders tijdens de wekelijkse shabbath circle.

2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 111

Genieten van de ondergaande zon bij Gazebbo, onze nieuwe Yacht Club.

2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 120

Lekker uitwaaien aan zee met opa en oma.

2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 127

Op weg naar de Via Dolorosa vanaf Yaffo Gate, Jeruzalem.

2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 132

Western Wall / Klaagmuur, Jeruzalem.

2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 141

Mooi beeld van de Western wall.

2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 145

Benjamin bij de Western Wall.

2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 147

Typisch Israelisch: overal vind je deze sapjes verkopers.

2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 151 2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 166 2013 Oktober Ellie en Chretien in Israel 178

Can-Do!

Miss Michelle en Miss Mini zijn de overenthousiaste Amerikaans-Joodse juffen die lesgeven aan Benjamins klasje. De combinatie Amerikaans en Joods is een bijzondere. Moeilijk onder woorden te brengen, maar beide dames zitten vol woorden als love you sweetie, come here darling en give me a kissie gemixt met veel shaloms, beseders, yoffies en andere typisch Hebreeuwse woorden. Ze knuffelen veel, zijn altijd blij en positief en hun trots op hun nieuwe vaderland is niet te omschrijven. Ik moest erg aan de dames wennen moet ik toegeven. Benjamin ook. We waren gewend geraakt aan de rustige en enigszins gereserveerde Indiase Miss Alka van de Bush Babies, Benjamins oude pre-school bij ons om de hoek in Dar es Salaam. Zij toonde haar emoties zelden en haar gevoelens voor Benjamin werden pas expliciet geuit in de laatste weken voor onze verhuizing. Tja, bij een verhuizing hoort een nieuwe school en nieuwe juffen, we moeten het nu dus “doen” met Michelle en Mini. Dat klinkt overigens veel te negatief, want inmiddels zegt Benjamin dat hij van zijn juffen houdt en hij gaat met veel plezier naar school.

Vanmorgen werden mijn gedachten teruggevoerd naar onze eerste kennismaking met Miss Michelle en Miss Mini. Ik maakte mijn te lang verzaakte ochtendwandeling over het strand en genoot daarbij van het wonderlijke aanzicht van een duo op het water. Samen bewogen ze een soort surfbord voort. Al peddelend. De een staand (zoals het hoort bij body boarden), de ander zittend op een strandstoel die aan de plank was vastgemaakt. Op het strand zat een man gespannen toe te kijken op eenzelfde soort plastic stoel. Iets achter hem stond, op het houten plankier, een lege rolstoel. Ik was te bescheiden om te vragen waarom dit duo op zo wonderlijke wijze het surfbord bestuurde samen. Normaal gesproken doe je dat immers alleen, niet met z’n tweeën en al helemaal niet zittend op een stoel. Mijn fantasie de ruimte gevend, bedacht ik dat degene op de stoel waarschijnlijk niet kon staan of in ieder geval niet op een body board kon staan en dat ze er op deze manier voor zorgden dat hij toch het water op kon. Can do!

Aldus mijmerend, keek ik om me heen naar het overwegend oudere publiek dat het strand van Herzlyia in de ochtend bevolkt. De mannen die beslist een stuk ouder zijn dan mijn vader. Gebochelde ruggen, te grote flaphoeden op kalende hoofden, een niet al te modieuze en enigszins afzakkende zwembroek aan. Ik bedoel dit helemaal niet als een lachwekkende omschrijving, ik heb juist enorm respect. Hoe oud zullen die mannen zijn die ik iedere keer zie als ik zo’n ochtendwandeling maak? En wat hebben ze al niet meegemaakt? Zelfs nu het niet meer zo warm is, maken ze hun ochtend wandeling naar de zee, om in alle rust hun meegebrachte klapstoeltje en rugzak neer te zetten, zich uit te kleden om vervolgens het water in te gaan en op en neer te zwemmen langs het strand. Of te wandelen door de branding. Duidelijk van plan nog zo lang mogelijk in beweging te blijven, het leven te omhelzen en te genieten van ieder moment. Of die prachtige oude dame, minstens zo oud als de eerder beschreven mannen. Ik vermoed dat ze die wandeling vanaf Hasharon Square naar de Arena Mall en weer terug, iedere dag maakt. Ik zie haar namelijk altijd als ik er loop. Ze doet er een stuk langer over dan ik, dus ik passeer haar twee keer, maar ze geniet zo duidelijk en oprecht. Iedere keer als ik haar tegenkom, begroet ze me met een grote glimlach en een krakend “Shalom” (ik hoor er blijkbaar al bij, daar op het strand). Haar aandacht is consequent verdeeld over dat wat ze om zich heen ziet, en dat wat ze hoort uit de speaker van de ouderwetse transistorradio die ze bij haar oor houdt. Soms hoor ik fel discussiërende stemmen uit haar radio komen en dan weer klinkt er klassieke muziek. Can do!

Can-Do! Natuurlijk, we kennen allemaal de “Yes we can!” kreet die Obama vergezelde tijdens zijn verkiezingen. Can do was ook een van de eerste concepten die Miss Michelle en Miss Mini ons uitlegden tijdens de kennismakingsdag aan het begin van het schooljaar. De pre-school van AIS (American School Israel) wil van haar leerlingen Can-Do-Kids maken. In het kader daarvan hebben ze in hun eerste week een Can-Do-Can gemaakt (een beplakt en beschilderd conservenblikje) wat aan het eind van die eerste week mee naar huis werd gebracht om hun eerste stap op weg naar het worden van echte Can-Do-Kids te markeren. Van ons als ouders werd verwacht dat wij de Can-Do-Cans luidkeels zouden prijzen. Datzelfde wordt overigens van ons verwacht bij ieder ander mee naar huis gebracht kunstwerk of werkje.  Een Can-Do mentaliteit creëer je (volgens ons illustere duo) door kinderen te leren positief te denken, in mogelijkheden en kansen. De ouders thuis werken daaraan mee door hen te prijzen en toe te juichen en door ze te stimuleren problemen op te lossen. Ach, het is een naam geven aan iets dat op veel scholen centraal staat, maar ik denk dat het wel erg Amerikaans is (en Joods?) om er een naam aan te geven. En om zo te juichen. Ook erg Amerikaans (heb er nog steeds wat moeite mee). Can-Do!

Nu we hier alweer enkele maanden leven, krijg ik steeds vaker de indruk dat dat Can-Do niet alleen Amerikaans is, maar ook Israëlisch, of zo je wilt Joods (dat blijft een gevoelig onderscheid). Ik wil mezelf niet de kennis en inzichten aanmeten van een volkenkundige of specialist in het Jodendom. Maar laten we eerlijk zijn, vreemd is het niet dat een volk dat zo vervolgd en onder druk is gezet door de eeuwen heen en dat dat heeft overleefd, een Can-Do mentaliteit heeft. Anders had Israël niet meer bestaan. En het Jodendom misschien ook niet meer. Of in ieder geval niet zoals het dat nu doet.

Kort door de bocht, dit gefilosofeer. Maar wel interessant om over na te denken. Zonder daarmee overigens alles goed te willen praten wat de Israëliërs doen om hun land te beschermen. Daar ben ik het persoonlijk niet altijd mee eens. Maar toch, zo’n Can-Do mentaliteit, dat heeft wel wat. Daar kan ik persoonlijk wel wat van leren. En met mij mogelijk vele anderen.

Dus heb ik Benjamin de hemel in geprezen toen hij met zijn Can-Do-Can thuis kwam. Wat me een enigszins minachtende blik van Benjamin opleverde: waar maak je je druk over mama…: “Het was soooo boring, dat gecraft en zo. Wanneer ga ik nu eindelijk leren lezen en schrijven?”  Ons Can-Do-Kid wil altijd net een beetje sneller iets kunnen dan de rest. Ach. Komt goed.